Zodra ik de tuin in ga, is Honey van de partij, terwijl haar broer, met de poten omhoog, ergens ligt te snurken, klautert zij in de struiken die nog moeten gesnoeid. En ze klautert over mij heen, kopjes gevend. Ineens vliegt er een vogel uit zo’n struik, Honey er achter aan, de wiegende schaduw van zo’n struik is ook een prooi.
Ik ging dus de tuin in. Niet van harte, de cystitis en de pillen daarvoor zorgen niet echt voor een optimaal tuin plezier. Ik vond vuurpijlen van de buren, nog van oud jaar. Ik deed wat ik wilde doen, en was er toch blij mee. Als ik terug kom uit Nederland ga ik M en K vragen mij te helpen met de boel opruimen.
Reacties